Hij vindt Nederlands moeilijk. Hij neemt privélessen. (..., daarom ...), Hij vindt Nederlands moeilijk, daarom neemt hij privélessen., Hij vindt Nederlands moeilijk. Hij verliest vaak zijn motivatie. (..., daardoor ...), Hij vindt Nederlands moeilijk, daardoor verliest hij vaak zijn motivatie., Hij gaat toch mee op skivakantie. Hij heeft er niet echt zin in. (..., hoewel ...), Hij gaat toch mee op skivakantie, hoewel hij er niet veel zin in heeft., Hij gaat toch mee op skivakantie. Hij heeft er niet echt zin in. (Hoewel...,...), Hoewel hij er niet veel zin in heeft, gaat hij toch mee op skivakantie., Niemand geloofde in haar. Ze is succesvol geworden. (..., toch ...), Niemand geloofde in haar, toch is ze succesvol geworden., Niemand geloofde in haar. Ze is succesvol geworden. (Ondanks dat ..., ...), Ondanks dat niemand in haar geloofde, is ze succesvol geworden., Je moet gedisciplineerd blijven. Je hebt een mindere dag. (..., zelfs als ...), Je moet gedisciplineerd blijven, zelfs als je een mindere dag hebt., Je moet gedisciplineerd blijven. Je hebt een mindere dag. (Zelfs als ..., ...), Zelfs als je een mindere dag hebt, moet je gedisciplineerd blijven., Ze werkt voltijds. Ze staat alleen in voor het hele gezin. (..., bovendien ...), Ze werkt voltijds, bovendien staat ze alleen in voor het hele gezin., Je moet nu boeken. Je wilt de reis maken. (..., indien ...), Je moet nu boeken, indien je de reis wilt maken., Je moet nu boeken. Je wilt de reis maken. (Indien ..., ...), Indien je de reis wilt maken, moet je nu boeken., Sofie heeft blauwe ogen. Haar tweelingbroer heeft bruine ogen. (..., terwijl ...), Sofie heeft blauwe ogen, terwijl haar broer bruine ogen heeft., Sofie heeft blauwe ogen. Haar tweelingbroer heeft bruine ogen. (Terwijl ..., ...), Terwijl haar broer bruine ogen heeft, heeft Sofie blauwe ogen..

per en/la

Tauler de classificació

Estil visual

Opcions

Canvia de fonament

)
Restaurar desada automàtica: ?