In deze koffer ___ alleen maar kleding., zit, zet, staat, steekt, De schaar ___ op tafel., legt, ligt, zit, Waarom ___ die fietsen voor mijn deur?, staan, zitten, leggen, staat, Ik moet deze broek strijken, want hij heeft te lang in mijn rugzak ___., gestaan, gezeten, gestoken, Ik heb mijn brooddoos in mijn rugzak _____ ., gezeten, gestaan, gelegen, gestoken, De kerstboom heeft tot begin maart in onze woonkamer ___., gelegen, gezeten, gestaan, Roel heeft de papieren op het bureau van zijn manager ___, gelegd, gezet, gelegen, gestaan, Kan je de tomaten in de koelkast ____ ?, staan, zitten, steken, Ze ___ haar hand op zijn schouder en zegt: 'Het komt allemaal goed.', legt, staat, lacht, Nicolle heeft een pot pindakaas op tafel ___., gedaan, gezet, gelegen
0%
Positieverba
Sdílet
Sdílet
podle
Nt2licenties
Upravit obsah
Tisk
Vložit
Více
Přiřazení
Výsledková tabule/Žebříček
Zobrazit více
Zobrazit méně
Tento žebříček je v současné době soukromý. Klikněte na
Share
chcete-li jej zveřejnit.
Tuto výsledkovou tabuli vypnul majitel zdroje.
Tento žebříček je zakázán, protože vaše možnosti jsou jiné než možnosti vlastníka zdroje.
Možnosti vrácení
Kvíz
je otevřená šablona. Negeneruje skóre pro žebříček.
Vyžaduje se přihlášení.
Vizuální styl
Fonty
Je vyžadováno předplatné
Možnosti
Přepnout šablonu
Zobrazit vše
Otevřené výsledky
Kopírovat odkaz
QR kód
Odstranit
Obnovit automatické uložení:
?