bakken, snijden, schillen, roeren, sap persen, inruimen (vaatwasser), afwassen, schoonmaken, tv kijken, muziek luisteren, zitten, aansteken, klussen, vegen, harken, tafel dekken, open doen, koffie zetten, brood roosteren, water koken.

Classifica

Stile di visualizzazione

Opzioni

Cambia modello

Ripristinare il titolo salvato automaticamente: ?