sägen - zagen / gezaagd, schleifen - schuren / geschuurd, bohren - boren / geboord, hobeln - schaven / geschaafd, fräsen - frezen / gefreesd, stemmen - beitelen / gebeiteld, feilen - vijlen / gevijld, leimen / kleben - lijmen / gelijmd, schrauben - schroeven / geschroefd, nageln - spijkeren / gespijkerd, bearbeiten - bewerken / bewerkt, profilieren - profileren / geprofileerd, zusägen / zuschneiden - op maat zagen / op maat gezaagd, kantenumleimen - kantband lijmen / kantband gelijmd, pressen - persen / geperst, verleimen - verlijmen / verlijmd, verzinken (Holzverbindung) - verzinken / verzinkt, lackieren - lakken / gelakt, beizen - beitsen / gebeitst, ölen - oliën / geolied, wachsen - waxen / gewaxed, grundieren - gronden / gegrond, entwerfen - ontwerpen / ontworpen, zeichnen - tekenen / getekend, konstruieren - construeren / geconstrueerd, messen - meten / gemeten, anreißen - aftekenen / afgetekend, planen - plannen / gepland, designen - designen / gedesignd, montieren - monteren / gemonteerd, installieren - installeren / geïnstalleerd, einbauen - inbouwen / ingebouwd, ausrichten - uitlijnen / uitgelijnd, justieren - afstellen / afgesteld, prüfen / kontrollieren - controleren / gecontroleerd, Material prüfen - materiaal controleren / materiaal gecontroleerd, schätzen / kalkulieren - inschatten / ingeschat, reinigen - schoonmaken / schoongemaakt, verpacken - verpakken / verpakt, transportieren - transporteren / getransporteerd,

순위표

플래시 카드(은)는 개방형 템플릿입니다. 순위표에 올라가는 점수를 산출하지 않습니다.

비주얼 스타일

옵션

템플릿 전환하기

자동 저장된 게임을 복구할까요?