Zij lacht, want de grap was erg grappig., Ik koop nieuwe schoenen, want de oude zijn kapot., Ik eet een appel, want ik heb trek in iets gezonds., Wij gaan met de trein, want de auto is stuk., Abdullah draagt een bril, want hij kan de letters niet goed zien., Zij drinkt veel melk, want dat vindt ze lekker., We gaan naar het strand, want het is prachtig weer., Doe het licht aan, want het is hier erg donker., Ik moet opschieten, want de winkel gaat bijna dicht., Ik bel je morgen, want ik heb nu geen tijd., Hij bakt een taart, want hij is morgen jarig., Fred gaat naar de sportschool, want hij wil fit blijven., Zij leest een boek, want ze wil even ontspannen., We blijven binnen, want het stormt hard., Ik ben te laat, want de brug stond open.,

8. zinnen met het koppelwoord „Want” Hoe schrijf je het?

Scorebord

Visuele stijl

Opties

Template wisselen

Automatisch opgeslagen activiteit "" herstellen?