echt, lek, pech, zeg, elk, merg, berg, vlecht, hecht, hek, pek, tel, vel, knel, met, eten, meten, kletsen, messen, hekken, blauwe, burgemeester, gesloten, beloning, certificaat, hamburger, schaatsen, rode, gekken, oranje, hesje, rel, cel, mossel, dorpel, tafel, vleugel, ezel, fakkel, dadel, gordel, wezel, parel, Brussel, vijzel, noedels, greppel, weefsel, knetter, getreuzel.

6. e, u of o? (de e klanken door elkaar)

Scorebord

Visuele stijl

Opties

Template wisselen

)
Automatisch opgeslagen activiteit "" herstellen?