Eet Jan in de klas een appel?, Jan eet in de klas een appel., At Jan in de klas een appel?, Jan at in de klas een appel., Drinkt Peter in de keuken een kop koffie?, Peter drinkt in de keuken een kop koffie., Dronk Peter in de keuken een kop koffie?, Peter dronk in de keuken een kop koffie ., Leest Lisa in de bibliotheek een boek?, Lisa leest in de bibliotheek een boek., Las Lisa in de bibliotheek een boek?, Lisa las in de bibliotheek een boek., Schrijft de directeur aan het personeel een brief?, De directeur schrijft aan het personeel een brief., Schreef de directeur aan het personeel een brief?, De directeur schreef aan het personeel een brief., Bestelt Ela in het restaurant een soep?, Ela bestelt in het restaurant een soep., Bestelde Ela in het restaurant een soep?, Ela bestelde in het restaurant een soep., Zingen jullie onder de douche een liedje?, Jullie zingen onder de douche een liedje ., Zongen jullie onder de douche een liedje?, Jullie zongen onder de douche een liedje., Drinken Theo en Hans bij de boer melk?, Hans en Theo drinken bij de boer melk., Dronken Hans en Theo bij de boer melk?, Hans en Theo dronken bij de boer melk., Wassen de vrouwen in een ton de lakens?, De vrouwen wassen in een ton de lakens., Wasten de vrouwen in een ton de lakens?, De vrouwen wasten in een ton de lakens., Brengen wij naar de klanten de pakjes?, Wij brengen naar de klanten de pakjes., Brachten wij naar de klanten de pakjes?, Wij brachten naar de klanten de pakjes., Ruimen zij boven de kamer op?, Zij ruimen boven de kamer op., Ruimden zij boven de kamer op?, Zij ruimden boven de kamer op.

2a. Zinnen maken: in o.t.t. en o.v.t. Let op WAT en WAAR zijn om gedraaid!

Scorebord

Visuele stijl

Opties

Template wisselen

Automatisch opgeslagen activiteit "" herstellen?