ik ga, je vais, jij gaat, tu vas, hij/zij gaat, il/elle va, wij gaan, nous allons, jullie gaan / u gaat, vous allez, zij gaan, ils/elles vont, ik kom, je viens, jij komt, tu viens, hij/zij komt, il/elle vient, wij komen, nous venons, jullie komen / u komt, vous venez, zij komen, ils/elles viennent, ik wil, je veux, jij wilt, tu veux, hij/zij wilt, il/elle veut, wij willen, nous voulons, jullie willen / u wilt, vous voulez, zij willen, ils/elles veulent

Venir, aller, vouloir: Vervoeging

door

Scorebord

Visuele stijl

Opties

AI Enhanced: Deze activiteit bevat content die door AI wordt gegenereerd. Meer informatie.

Template wisselen

Automatisch opgeslagen activiteit "" herstellen?