Ken ik vandaag de weg naar mijn school niet?, Ik ken vandaag de weg naar mijn school wel., Kan ik dit jaar mijn taal niet leren?, Ik kan dit jaar mijn taal wel leren., Kende ik gisteren de weg naar mijn school wel?, Ik kende gisteren de weg naar mijn school niet., Kon ik vorig jaar mijn taal niet leren?, Ik kon vorig jaar mijn taal wel leren., Kent Peter vanavond om 6 uur het recept in zijn keuken wel?, Peter kent vanavond om 6 uur het recept in zijn keuken niet., Kan Peter morgenmiddag de koffie in zijn huis wel drinken?, Peter kan morgenmiddag de koffie in zijn huis niet drinken., Kende Peter gisterenavond om 6 uur het recept in zijn keuken niet?, Peter kende gisterenavond om 6 uur het recept in zijn keuken wel., Kon Peter gisterenmiddag de koffie in zijn huis niet drinken?, Peter kon gisterenmiddag de koffie in zijn huis wel drinken., Kent Lisa deze maand de mensen in haar bibliotheek niet?, Lisa kent deze maand de mensen in haar bibliotheek wel., Kan Lisa deze week niet haar spannende boek lezen?, Lisa kan deze week wel haar spannende boek lezen., Kende Lisa afgelopen maand de mensen in haar bibliotheek wel?, Lisa kende afgelopen maand de mensen in haar bibliotheek niet., Kon Lisa afgelopen week wel haar spannende boek lezen?, Lisa kon afgelopen week niet haar spannende boek lezen., Kennen jullie vanmorgen jullie mooie liedje wel?, Jullie kennen vanmorgen jullie mooie liedje niet., Kunnen jullie iedere avond niet onder jullie douche zingen?, Jullie kunnen iedere avond wel onder jullie douche zingen., Kenden jullie vanochtend jullie mooie liedje wel?, Jullie kenden vanochtend jullie mooie liedje niet., Konden jullie iedere avond wel onder jullie douche zingen?, Jullie konden iedere avond niet onder Jullie douche zingen., Kennen de broers al jaren hun boer om de hoek wel?, Ja, de broers kennen al jaren hun boer om de hoek wel., Kunnen de broers in mei met hun fiets naar de boer gaan?, Ja, de broers kunnen in mei met hun fiets naar de boer gaan., Kenden de broers jarenlang hun boer om de hoek niet?, Nee, de broers kenden jarenlang hun boer om de hoek niet?, Konden de broers in mei niet met de fiets naar hun boer gaan?, Nee, de broers konden in mei niet met de fiets naar hun boer gaan.

5. Zinnen maken met modale werkwoorden: kennen en kunnen

Scorebord

Visuele stijl

Opties

Template wisselen

Automatisch opgeslagen activiteit "" herstellen?