tengo calor, ik heb het warm, la canción, het lied, hambre, honger, el gato, de kat, sed, dorst, once, elf, cinco, vijf, el centro, het midden, el cumpleaños, de verjaardag, ¡dónde está?, waar is hij/zij?, la playa, het strand, un poco, een beetje, tenemos, wij hebben, eres, jij bent, también, ook, vivís, jullie wonen, ¿quién?, wie?, ¿cómo?, hoe?, el ejemplo, het voorbeeld, ¿cuántos?, hoeveel?

¡Qué Guay! 1-6: woordjes

Scorebord

Visuele stijl

Opties

Template wisselen

Automatisch opgeslagen activiteit "" herstellen?