Je huiswerk is af, ____ je mag naar buiten. Hij wil wel naar voetbal, ____ hij mag niet van zijn moeder. Ik krijg geen nieuwe fiets, ____ ik heb er al een. Ze is lief, ____ soms ook een beetje stout. Het regent, ____ ik neem een paraplu mee. Mees vond het feest saai, ____ zijn vrienden waren er niet. Ik weet nog niet wat ik ga doen volgende week. Misschien ga ik kamperen ____ ik slaap in een hotel. De trein vertrekt over een half uur, ____ we moeten ons erg haasten. Ik heb echt trek! ik wil een ijsje ____ een milkshake. Wil jij straks fietsen ____ ga je lopen? Kirsten was ziek, ____ gelukkig is ze weer beter. Ik ben ziek, ____ ik ga niet naar de les. Lonneke wil een ijsje kopen, ____ ze heeft niet genoeg geld. Quentin is naar Georgië geweest ____ heeft daar familie gezien.
0%
Thema 5: Nevenschikkende voegwoorden
Delen
Delen
Delen
door
Nltraining
Volwassenen
NT2
Inhoud Bewerken
Afdrukken
Embedden
Meer
Toewijzingen
Scorebord
Meer weergeven
Minder weergeven
Dit scoreboard is momenteel privé. Klik op
Delen
om het publiek te maken.
Dit scoreboard is uitgeschakeld door de eigenaar.
Dit scoreboard is uitgeschakeld omdat uw opties anders zijn dan die van de eigenaar.
Opties Herstellen
Maak de zin af
is een open template. Het genereert geen scores voor een scoreboard.
Inloggen vereist
Visuele stijl
Lettertypen
Abonnement vereist
Opties
Template wisselen
Alles weergeven
Er zullen meer templates verschijnen terwijl je de activiteit gebruikt.
Open resultaten
Kopieer link
QR-code
Verwijderen
Automatisch opgeslagen activiteit "
" herstellen?