een auto (willen, kopen), pizza (willen, eten), op vakantie (willen, gaan), met jou (willen, praten), bij Ranpak (willen, werken), koffie (willen, drinken), naar de film (willen, gaan), in Eygelshoven (willen, wonen), Nederlands (willen, leren), een kind (willen, hebben)

autor:

Tabela rankingowa

Motyw

Opcje

Zmień szablon

Przywrócić automatycznie zapisane ćwiczenie: ?