1) Allah hoort alles a) Alhorende b) barmhartige 2) Allah ziet alles a) Eeuwige b) Alziende 3) Allah weet alles a) Alwetende b) Almachtige 4) Hij verwekte niet a) Hij heeft kinderen b) Hij heeft geen kinderen 5) Hij werd niet verwekt a) Hij heeft geen ouders b) Hij heeft ouders 6) Hij is Allah, de Enige. a) Niemand en niets lijkt op Allah. b) Hij is EEN

Classifica

Stile di visualizzazione

Opzioni

Cambia modello

Ripristinare il titolo salvato automaticamente: ?