Tom voit Charlotte. Tom ____ voit. Tom donne ce cadeau à Charlotte. Tom ____ donne à Charlotte. Quelle belle robe ! Je ____' achète J'aime ce pantalon. Je ____ veux. J'aime cette robe. Je ____ veux. C'est ma pomme. Je ____ mange C'est mon concombre. Je ____ mange. Je vois ma vache dans le pré. Je ____ voit. C'est mon cochon. Je ____ vois. Elle aide ses copains. Elle ____ aide. Lisa aide sa maman. Elle ____' aide. Lisa lit ce livre. Elle ____ lit. Tom lit ce livre. Il ____ lit.
0%
COD 2
Delen
Delen
Delen
door
Englishteacherru
Inhoud Bewerken
Afdrukken
Embedden
Meer
Toewijzingen
Scorebord
Meer weergeven
Minder weergeven
Dit scoreboard is momenteel privé. Klik op
Delen
om het publiek te maken.
Dit scoreboard is uitgeschakeld door de eigenaar.
Dit scoreboard is uitgeschakeld omdat uw opties anders zijn dan die van de eigenaar.
Opties Herstellen
Maak de zin af
is een open template. Het genereert geen scores voor een scoreboard.
Inloggen vereist
Visuele stijl
Lettertypen
Abonnement vereist
Opties
Template wisselen
Alles weergeven
Er zullen meer templates verschijnen terwijl je de activiteit gebruikt.
Open resultaten
Kopieer link
QR-code
Verwijderen
Automatisch opgeslagen activiteit "
" herstellen?