1) Ik bak een lekkere taart. a) enkelvoud b) meervoud 2) Wij gaan zwemmen in de zee. a) enkelvoud b) meervoud 3) Koen leest een boek. a) enkelvoud b) meervoud 4) Elsa speelt met haar pop. a) enkelvoud b) meervoud 5) Papa en mama gaan samen koken. a) enkelvoud b) meervoud 6) De kinderen spelen in de speeltuin a) enkelvoud b) meervoud

Scorebord

Visuele stijl

Opties

Template wisselen

Automatisch opgeslagen activiteit "" herstellen?