Ik maak mijn huiswerk af voordat ik ga slapen, omdat ik morgen geen tijd heb., In Nederland maak ik veel nieuwe dingen mee, zoals nieuwe mensen en een andere cultuur., Het maakt voor mij niet uit waar we afspreken, als we elkaar maar kunnen zien., Elke zaterdag maak ik samen met mijn partner het huis schoon., Ik maak het eten klaar terwijl mijn kinderen aan tafel zitten en wachten., Ik maak mijn fiets altijd vast bij het station, omdat ik bang ben dat hij anders wordt gestolen., Kun je de riem even losmaken, want hij zit te strak en dat is niet comfortabel., De school maakt morgen de resultaten van het examen bekend, en iedereen is een beetje zenuwachtig., Aan het einde van de maand maak ik al mijn geld op aan huur en boodschappen.

by

Leaderboard

Visual style

Options

Switch template

Continue editing: ?