Ik ga naar de dokter, , want ik heb koorts. , Mijn dochter gaat slapen, , want ze is moe. , Hij belt naar zijn baas, , want hij is ziek. , Ik neem hoestsiroop,, want ik heb keelpijn. , Jij staat vroeg op, , want je moet werken. , Ik studeer Nederlands,, want ik woon in Brussel. , Ik moet vandaag studeren, , want morgen heb ik een test. , We moeten vertrekken,, want we hebben een afspraak. , Mijn broer loopt vandaag niet,, want hij heeft pijn aan zijn knie. , De baby huilt, , want hij heeft honger. .

Leaderboard

Visual style

Options

Switch template

Continue editing: ?