We gaan vandaag niet zwemmen ______ het slecht weer is., omdat, w a n t, We gaan vandaag niet zwemmen ______ het is slecht weer., omdat, w a n t, We blijven thuis __ we corona hebben., omdat, w a n t, Ze gaan ze elke dag winkelen ______ ze vakantie hebben., w a n t, omdat, Ik doe een cursus ____ ik Nederlands wil leren., omdat, w a n t, We dragen oranje kleding _________ het Koningsdag i s., omdat, w a n t, Anna koopt de trui omdat _________, ze vindt hem mooi., ze hem mooi vindt., Ik ben blij want, mijn broer komt op bezoek., mijn broer op bezoek komt., Ik ben blij omdat, mijn broer komt op bezoek., mijn broer op bezoek komt., Hij moet naar het ziekenhuis gaan ____ hij heel ziek is., omdat, Wa nt, Ik eet geen vlees, want _______, ik vind dat niet lekker., ik dat niet lekker vind., Ik ga naar de supermarkt omdat, ik moet nog brood kopen., ik nog brood moet kopen.
0%
omdat - want
Share
Share
by
Abdulhamidna
Edit Content
Print
Embed
More
Assignments
Leaderboard
Show more
Show less
This leaderboard is currently private. Click
Share
to make it public.
This leaderboard has been disabled by the resource owner.
This leaderboard is disabled as your options are different to the resource owner.
Revert Options
Quiz
is an open-ended template. It does not generate scores for a leaderboard.
Log in required
Visual style
Fonts
Subscription required
Options
Switch template
Show all
Open results
Copy link
QR code
Delete
Continue editing:
?