Ik heb gisteren hard gewerkt., Wij hebben lekker gekookt., Hij heeft de hele middag gefietst., Zij heeft een mooie foto gemaakt., Heb je de deur goed geverfd?, De man heeft hard geklopt., Ik heb gisteren naar muziek geluisterd., Wij hebben een nieuwe auto gereserveerd., Hij heeft een uur op de bus gewacht., Zij heeft haar vrienden met Kerstmis gebeld., Hebben jullie gisteren de hele avond gespeeld?, De kinderen hebben de hele dag gewandeld.

Leaderboard

Visual style

Options

Switch template

Continue editing: ?