.....ik thuis ben, zet ik een kopje thee., toen, zodra, nadat, zodat, Ik ......de krant in de doos, zet, leg, stop, doe, Hij sport om niet ....., te hoeven nadenken, na te hoeven denken, hoeven te nadenken, na te denken hoeven, Ik zou ..... (wens), een jurkje kopen, een jurkje willen kopen, graag een jurkje kopen, graag een jurkje willen kopen, Wat kun je zeggen? Stelling: Sporten is vervelend, Ik ben het ermee niet eens, Ik ben het er niet mee eens, Ik ben niet ermee eens, Ik ben het niet ermee eens, Ik ben het oneens, Hij kijkt..., er niet van op, niet ervan op, ervan op niet, erop niet van, Volgens mij...., is het te koud in Nederland, het is te koud in Nederland, Ik denk dat ik...., mijn moeder bel op, bel mijn moeder op, mijn moeder opbel, Vertaal: This trip can't be booked., Deze reis kan geboekt niet worden, Deze reis kan niet worden geboekt, Deze reis kan niet geboekt zijn, Deze reis kan niet geboekt worden, Nadat ............., liep hij naar de balie, zij de deur opende, zij de deur opent, zij de deur had geopend, zij de deur geopend had, We proberen het huiswerk...., te maken, maken
0%
Quiz
Share
Share
by
Lonnekebucken2
Edit Content
Print
Embed
More
Assignments
Leaderboard
Show more
Show less
This leaderboard is currently private. Click
Share
to make it public.
This leaderboard has been disabled by the resource owner.
This leaderboard is disabled as your options are different to the resource owner.
Revert Options
Quiz
is an open-ended template. It does not generate scores for a leaderboard.
Log in required
Visual style
Fonts
Subscription required
Options
Switch template
Show all
Open results
Copy link
QR code
Delete
Continue editing:
?