¿Habéis visitado a tu tía? , Hebben zij je tante bezocht? , Hebben wij je tante bezocht? , Hebben jullie je tante bezocht?, ¿Qué te ha comprado? , Wat heb je voor hem gekocht? , Wat heeft hij voor jou gekocht? , Wat heb je voor mij gekocht? , Ha comprado un vestido nuevo., Zij heeft een nieuwe jurk gekocht., Ik heb een nieuwe jurk gekocht., Jij hebt een nieuwe jurk gekocht. , Hemos encontrado una chaqueta superguay., Jullie hebben een supergave jas gevonden., Wij hebben een supergave jas gevonden., Zij hebben een supergave jas gevonden., ¿Has visto la heladería nueva? , Hebben ze de nieuwe ijswinkel gezien? , Heeft hij de nieuwe ijswinkel gezien? , Heb je de nieuwe ijswinkel gezien? , Has ido a la panadería., Ik ben naar de bakker gegaan. , Jij bent naar de bakker gegaan. , U bent naar de bakker gegaan. , Han comido una tortilla., Wij hebben een tortilla gegeten. , Jullie hebben een tortilla gegeten., Zij hebben een tortilla gegeten. , ¿Ha estado en España?, Ben je in Spanje geweest? , Bent u in Spanje geweest? , Ben ik in Spanje geweest? , Hemos visitado el museo Guggenheim., Wij hebben het Guggenheim-museum bezocht., Jullie hebben het Guggenheim-museum bezocht., Zij hebben het Guggenheim-museum bezocht., ¿Ha leído el libro de Isabel Allende? , Heb je het boek van Isabel Allende gelezen? , Heeft zij het boek van Isabel Allende gelezen? , Heb ik het boek van Isabel Allende gelezen? .

¡Qué Guya! hfst 2: Spaans perfecto 2

Leaderboard

Visual style

Options

Switch template

Continue editing: ?