vragen om iets te krijgen. - aanvragen, een tijd dat je met iemand bent. - de afspraak, winkel waar je medicijnen krijgt. - de apotheek, iemand die helpt bij het werk van een ander, bijvoorbeeld bij de huisarts. - de assistente, winkel waar je spullen voor je lichaam koopt, zoals pleisters, shampoo of pijnstillers. - de drogist, hoe lang iets is, bijvoorbeeld: de les duurt 1 uur. - duren, dokter waar je als eerste naartoe gaat als je ziek bent. - de huisarts, plek waar je ’s avonds of in het weekend naartoe kunt als je ziek bent. - de huisartsenpost, als de huisarts naar jouw huis komt. - het huisbezoek, als je lichaam warm is omdat je ziek bent. - de koorts, een middel dat je beter maakt als je ziek bent. - het medicijn, de plek waar de huisarts werkt. - de praktijk, als mensen boos op elkaar zijn - de ruzie, dokter die heel veel weet over één deel van het lichaam. - de specialist, iets dat heel snel moet. - de spoed, iets heel ergs dat heeft meteen hulp nodig heeft. - het spoedgeval, je kunt naar de dokter gaan zonder afspraak. - het spreekuur, het gevoel dat je veel druk hebt of zorgen - de stress, een test maken om te kijken of het goed is - toetsen, in het midden - tussen, hoesten je neus zit dicht. - verkouden, iets dat je wilt weten - de vraag, zaterdag en zondag. - het weekend, praten met iemand - zeggen tegen, nodig zijn - de zin,
0%
Link 7.1
Share
Share
Share
by
Annsijstermans
Edit Content
Print
Embed
More
Assignments
Leaderboard
Show more
Show less
This leaderboard is currently private. Click
Share
to make it public.
This leaderboard has been disabled by the resource owner.
This leaderboard is disabled as your options are different to the resource owner.
Revert Options
Match up
is an open-ended template. It does not generate scores for a leaderboard.
Log in required
Visual style
Fonts
Subscription required
Options
Switch template
Show all
More formats will appear as you play the activity.
Open results
Copy link
QR code
Delete
Continue editing:
?