opstaan (ben/om 8u), Ik ben om 8u opgestaan., aandoen (mijn kleren), Ik heb mijn kleren aangedaan., uitdoen (mijn schoenen), Ik heb mijn schoenen uitgedaan., afwassen (de borden), Ik heb de borden afgewassen., afdrogen (de glazen), Ik heb de glazen afgedroogd., meebrengen (taart), Ik heb taart meegebracht., afruimen (de tafel), Ik heb de tafel afgeruimd., afspreken (met mijn vriend), Ik heb met mijn vriend afgesproken., innemen (een pilletje), Ik heb een pilletje ingenomen., omdraaien (het vlees), Ik heb het vlees omgedraaid., voorschrijven (de dokter, een siroop), De dokter heeft een siroop voorgeschreven..

Separabel - Perfectum

Leaderboard

Visual style

Options

Switch template

Continue editing: ?