1) In welke zin zijn de regels met betrekking tot het plaatsen van leestekens correct toegepast? a) Amsterdam de hoofdstad van ons land, is een mooie stad. b) Ik dacht: als ik het tentamen maar haal. c) Lammert en Elsbeth hebben vier kinderen: Bas, Bob, Tom, en Xandra. 2) In welke zin zijn de regels met betrekking tot het plaatsen van leestekens correct toegepast? a) Hij heeft haar gisteren nog gesproken. b) Hij zei: Ik heb mijn tentamen gehaald. c) "Ik heb", zei hij, "Mijn tentamen gehaald." 3) In welke zinnen zijn de regels met betrekking tot het plaatsen van leestekens correct toegepast? a) Marjon wil jij wat voor me doen? b) Ik heb hem, helaas, moeten ontslaan. c) "Je kunt", zei hij, "maar beter je mond houden." d) Sterker nog hij heeft kiezersbedrog gepleegd. 4) In welke zinnen zijn de regels met betrekking tot het plaatsen van leestekens correct toegepast? a) De dokter vroeg: "Rookt u?" b) Ik vraag me af of hij haar gisteren nog gesproken heeft? c) Je kletst uit je nek! d) Het probleem, dat veel kinderen slecht lezen, moet niet worden onderschat. 5) In welke zinnen zijn de regels met betrekking tot het plaatsen van leestekens correct toegepast? a) Een klein, zwart hondje bedelde om een stukje worst. b) Ik heb die tafel ooit gekocht, op een rommelmarkt in Maastricht. c) De supporters riepen: Nederland wordt kampioen! d) De agent vroeg me hoe ik dat wist? e) De grote vraag blijft: welke kant gaat het op? 6) In welke zinnen zijn de regels met betrekking tot het plaatsen van leestekens correct toegepast? a) De man, die gisteren de Wibra overviel, is nog voortvluchtig. b) Ofschoon ik haar goed ken, verrast ze me elke keer weer. c) Op het moment dat Máxima binnenkomt overhandig je haar de bloemen. d) Ik ga wat eerder naar huis, want ik voel me niet zo goed. e) Ik heb een leuk idee laten we naar het strand gaan. f) Wij hebben vandaag les gehad van mevrouw Fleurie, de nieuwe docente wiskunde. 7) In welke zinnen zijn de regels met betrekking tot het plaatsen van leestekens correct toegepast? a) Het kind riep: "Ik wil een snoepje!" b) De bedelaar, liggend onder een oude deken, vroeg de voorbijgangers om geld. c) Ik vraag me af of hij het weet. d) Hij vroeg: "Mag ik je iets vragen." e) Het liedje dat je net hoorde zong mijn moeder altijd voor mij. f) Rij jij met mij mee Arno? 8) In welke zinnen zijn de regels met betrekking tot het plaatsen van leestekens correct toegepast? a) Hij dacht: "Ik hoop dat ze het niet hebben gezien." b) "Kan ik pinnen", vroeg de klant. c) Kom onmiddellijk hier! d) "Waar was je"?, vroeg hij. e) Sacha zei dat "hij het niet wist." f) "Toen ik net begon met internetten", zei mijn oma, "wilde ik soms dat ik die computer nooit had gekocht."
0%
interpunctie
Share
Share
Share
by
Htboonstra
Edit Content
Print
Embed
More
Assignments
Leaderboard
Show more
Show less
This leaderboard is currently private. Click
Share
to make it public.
This leaderboard has been disabled by the resource owner.
This leaderboard is disabled as your options are different to the resource owner.
Revert Options
Quiz
is an open-ended template. It does not generate scores for a leaderboard.
Log in required
Visual style
Fonts
Subscription required
Options
Switch template
Show all
More formats will appear as you play the activity.
Open results
Copy link
QR code
Delete
Continue editing:
?